Voedingsvragen bij autisme

Voor een kind in de groei is het belangrijk om een gezond voedingspatroon aan te leren, zodat de kans groter is dat het kind later ook gezond zal eten. De meeste kinderen ontwikkelen bepaalde voedselvoorkeuren en kunnen in een fase komen waarbij ze moeite krijgen met eten. Plotseling gaan kinderen voedingsmiddelen weigeren. Deze fase gaat bij de meeste kinderen voorbij.

Kinderen met autisme ontwikkelen vaker een kieskeurig voedingspatroon. Hierdoor kunnen voedingstekorten ontstaan, maar ook ondergewicht of juist overgewicht. Een gezond eetpatroon afdwingen werkt niet, er ontstaat ongerustheid bij de ouders en de maaltijd wordt al snel een strijd.

Verschillende factoren kunnen een rol spelen wanneer blijkt dat het kieskeurige eetgedrag van een kind niet slechts een fase is, zoals:

  • het overgevoelig of juist minder gevoelig zijn voor sensorische prikkels, zoals voor bepaalde smaken, geuren, hetgeen ze zien op hun bord of wat ze voelen in hun mond.
  • gevoelens van honger of verzadiging kunnen ontbreken.
  • maaltijdmomenten zijn sociaal gezien complexe situaties met vaak veel onduidelijkheid en ongeschreven regels, wat voor angst en stress bij een kind kan zorgen.

De problemen kunnen dan ook heel divers zijn: weinig gevarieerd eten, moeilijke overgang van vloeibaar naar vast voedsel, bijzondere eetgewoonten, bepaalde kleuren niet willen eten, heel traag of juist heel snel eten, een vaste eetplaats nodig hebben, enz.

Door na te gaan wat de oorzaak zou kunnen zijn gaan we op zoek naar oplossingen die werken.

Belangrijk aandachtspunt hierbij is dat er geen dwang wordt toegepast en dat er een ontspannen sfeer is rondom de maaltijden.